air_water


Levensverhalen

orangeb

“Toen de mensen naar mijn gebaren keken, voelde ik me trots”

Vandaag ben ik op weg naar een afspraak voor een interview. We hebben afgesproken in hartje Amsterdam. Ik zie haar al staan als ik aan kom lopen. Samen zoeken we een rustig café op. Na het bestellen van een heerlijk glaasje munt thee steken we van wal.

Lissa Zeviar is 30 jaar en woont sinds twee jaar in Nederland. De ondernemende Canadese is geboren en getogen in Montreal. Ze heeft daar tot haar 18de gewoond. Tot haar 6de jaar heeft Lissa bij haar ouders gewoond. Daarna bij haar grootouders voor vijf jaar, een tante en verschillende pleeggezinnen. Vanaf haar 15de tot haar 17de heeft ze vervolgens weer bij haar moeder gewoond.

“Mijn ouders hebben vier dochters. Ik heb een zus van 35 en twee tweelingzussen van 34 jaar. Ik was de jongste, maar gedroeg me als de oudste. Thuis gebruikte we meer een soort ondersteunende gebarentaal, PSE. Mijn ouders zijn beide de enige dove binnen hun familie. Ze zijn allebei doof geboren".

"Mijn moeder heeft tot haar achtste jaar op een orale school gezeten. Daarna is ze naar een dovenschool gegaan. Hier zaten ook kinderen op met andere beperkingen. Ze verveelde zich op deze school. Ze wilde graag naar Gallaudet om daar te studeren, maar dit mocht niet van de leraren. Mijn moeder heeft veel dingen zelf geleerd. Ze heeft allerlei baantjes gehad. Mijn vader heeft zijn gehele schoolperiode in Florida op St-Augustines school for the deaf, een orale dovenschool/internaat, gezeten. Hij is drukker geworden”.

“Mijn moeder was blij dat haar kinderen horend waren. Soms wilde ze echter dat we doof waren omdat we dan haar beter konden begrijpen. Mijn moeder is Italiaans. Hierdoor ging de communicatie met haar familie beter dan aan mijn vaders kant. Voor mijn vader ging de communicatie met zijn familie moeilijker. Hij wilde daarom liever op de dovenschool zijn, omdat hij daar makkelijk kon communiceren met de andere doven.”

“Ik heb in Montreal basisonderwijs gevolgd. Daarna ben ik naar de ‘High School’ gegaan. Toen ik dit af had gerond, heb ik twee jaar ‘College’ gevolgd. Ik was 19 toen ik verhuisde naar San Francisco in Amerika om de tolkenopleiding te volgen. Ze hadden ook een tolkenopleiding in Cananda, in Vancouver, maar ik wilde graag bij mijn moeder en zus wonen naar Amerika waren verhuisd. Toen ik jong was beheerste ik het ASL nog niet zo goed. Mijn moeder en zus waren dan ook erg verbaasd dat ik de tolkenopleiding wilde volgen. Toen ik na twee jaar in 1997 mijn tolkendiploma had behaald, ben ik de bachelor ‘Dovenstudies’ gaan doen. Ik heb tien jaar als tolk gewerkt. Ik wilde echter meer. In Amerika hadden we in die tijd nog geen gezinsbegeleiding. Ik wilde dit opstarten en had hiertoe een handboek gemaakt: ‘Parent Links’”.

"Mijn ouders kregen hun kinderen in de jaren 80. Ze wisten toen al dat ze hun kinderen niet moesten gebruiken als tolken. Ik was acht jaar oud toen ik op een dag met mijn moeder in de bus zat te gebaren. De mensen in de bus keken naar ons en ik voelde me trots. Mijn moeder schaamde zich niet voor gebaren in het openbaar. Het was de jaren ’80. Als ik op school een spreekbeurt mocht geven hield ik het altijd over mijn dove ouders. Toen ik 16 jaar was, vond mijn moeder me oud genoeg om te helpen. Vanaf mijn 19de tot nu toe doe ik dingen voor mijn moeder. Ze had wel een teksttelefoon, maar schaamde zich voor haar slechte Engels. Daarom wilde ze graag dat ik belde. Mijn moeder wist dat ik kon helpen en wilde dit ook. Ik voelde me als haar maatschappelijk werker. Ik wilde haar zoveel mogelijk helpen. Maar op een gegeven moment dacht ik ‘dit maakt het alleen maar erger’. Ik ging een andere koers varen en wees haar verzoeken af. Ik vroeg haar me te behandelen als haar dochter. Mijn moeder vond dat ik egoïstisch was. Ik ben wel in therapie geweest, maar dat is meer geweest om de loop van mijn hele leven een plek te kunnen geven. De problemen die ik met mijn moeder heb gehad, heeft voor een deel te maken met mijn coda zijn, maar ook doordat het leven zo gelopen is."

“Na negen jaar te hebben gewerkt als tolk ben ik gaan reizen naar Australië. Daar ontmoette ik een Nederlandse jongen. Ik werd verliefd en ben met hem meegegaan naar Nederland. Ik had echter wel één probleempje. Ik kon hier niet tolken. Ik beheerste American Sign Language en niet de Nederlandse Gebarentaal. Ik hield me nog steeds bezig met gebarentaal en het belang van ‘deaf awareness’. Ik heb toen mijn bedrijfje Babygebaren opgericht. Ik heb net een dvd gemaakt over hoe horende ouders voor hun horende kinderen babygebaren kunnen gebruiken om eerder met ze te kunnen communiceren."

"Ik kan me nog herinneren dat toen ik heel klein was, een jaar of drie/vier, dat we in een huizenblok woonden met andere doven. Toen ik 19/20 was kreeg ik weer contact met andere doven. Mijn moeder was degene die CODA had gevonden en vertelde mijn hierover toen ik 18 was. Ze was blij dat ik contact zocht, zodat ik ook een identiteit kon krijgen. Ik merk wel dat ik altijd wil dat alles goed gaat. Ik moet nog steeds oppassen dat ik geen maatschappelijk werker voor mensen ga spelen. Door de verhalen te horen van andere coda’s, maakte dat ik me meer normaal voelde. Ik ben in Amerika niet naar CODA congressen geweest, wel naar etentjes. Toen ik in Amerika mijn verhuizing naar Nederland voorbereidde, heb ik zo hier en daar rondgevraagd welke coda’s in Nederland actief waren. Zodoende heb ik contact gezocht met Gerdinand Wagenaar. Twee jaar geleden, na slechts twee maanden in Nederland te wonen, had ik al mijn eerste coda etentje. Ik was verbaasd dat aan de andere kant van de wereld zoveel dezelfde verhalen waren."

"Ik heb veel mooie dingen meegekregen van het op zijn gegroeid met dove ouders. Ik ben opgegroeid in twee culturen en met twee talen. Ik heb er een carrière uit gehaald. Het gaf me een plek in de wereld. Het hebben van dove ouders heeft nog altijd impact. Ik kan mijn kennis gebruiken om dingen beter te maken. Daarnaast heb ik door mijn coda zijn een grote tolerantie naar mensen toe: ‘anything goes’. Mijn vader heeft een hele mooie gebarentaal. Hij kan prachtige verhalen vertellen met zijn handen. Hij heeft mij geleerd om expressief te zijn. Ik ben hier mijn ouders dankbaar voor."

 
Sonja Ursem